Herkomst
Het begrip Haptonomie (Haptomassage) is een samenvoeging van twee Oud Griekse begrippen: hapsis en nomos. Hapsis betekent: aanraking, gevoel en tast en Nomos betekent wet, regel, norm. 'Hapto' stamt af van het werkwoord haptein wat aanraken, verenigen en zich hechten aan betekent en in overdrachtelijke zin: in voelbaar contact treden om gezond te maken, te helen, te bevestigen.
In de Haptonomie speelt de emotionele
aanraking een grote rol. De grondlegger Frans Veldman noemt de
Haptonomie 'de wetenschap van de affectiviteit'. In
de jaren zestig ging de fysiotherapeut Frans Veldman zijn
therapievorm Haptonomie noemen, daarvoor had het de naam
'Psycho-tactiele-therapie'. Frans Veldman paste zijn ontdekking
van de ruimtelijke tast in zijn fysiotherapeutische behandelingen
toe. Tegelijkertijd ontwikkelde hij de Haptotherapie op grond van de
Haptonomie. In beide therapievormen wordt aangeraakt, alleen
verschilt het doel van het lichamelijk contact. In de fysiotherapie
is het altijd een medisch klacht, waar hulp voor wordt gezocht.
Binnen de Haptotherapeutische hulpverlening is de klacht dat je niet
tevreden bent met je bestaan, of het gevoel te hebben dat je niet
kan bestaan.
Voor de theoretische achtergrond van de Haptonomie maakte Frans Veldman
gebruik van de opvattingen van de Franse filosoof Maurice Merleau
Ponty die in de jaren vijftig een filosofie over het lichaam en
ruimtelijke beleving ontwikkelde. Merleau Ponty beschreef het
verschijnsel van de 'miraculeuze verlenging' van het lichaam. Dat
houdt in dat als je met een stok in de hand iets betast, je het
voorwerp voelt aan het einde van de stok, terwijl je aan het einde
van de stok geen tastorgaan hebt. Een voorbeeld hiervan is: als je autorijdt, weet je automatisch je eigen afmeting
en van de auto waar je in zit, zodat je ‘weet’ of je
met je auto ergens tussendoor kunt of niet.
Haptonomie is niet alleen een massage, maar ook een therapie, daarom wordt het ook wel Haptotherapie genoemd.

